Methode A – standaardmethode voor het vasthechten Aanbrengen van de behuizing
De bovenkant van de zender moet 3 cm vanaf de bovenste hoek (dorsal commissure) van de schaamlippen en de zijde van de zender precies naast de slijmvlieslijn worden aangebracht. Naai ongeveer 3 tot 4 cm diep, dat is de veiligste manier en stoort het minst. De draden moeten door de twee ogen in de behuizing worden getrokken. De knopen worden aan de linkerzijde van de behuizing gelegd.
Aanbrengen van de magneet
De magneet wordt met een hechting 2 cm parallel langs de slijmvlieslijn bevestigd (hoe dichter de knoop zich bij de magneet bevindt, des te sneller raakt de magneet los van de behuizing). Vervolgens drukt u de magneet in het huis en is de zender klaar om impulsen te ontvangen.
